In de Europese Unie vormen richtlijnen, verordeningen, nationale wetten en normen de basis voor de regelgeving inzake producten en de veiligheid daarvan. EU-richtlijnen en EU-verordeningen leggen de wettelijk bindende eisen vast waaraan fabrikanten moeten voldoen om hun producten op de Europese interne markt in de handel te mogen brengen.
Bij de praktische uitvoering van deze eisen spelen Europese normen (EN-normen) een centrale rol. Normen zijn weliswaar in principe niet wettelijk bindend, maar geven wel de huidige stand van de techniek en de wetenschap weer. Ze bieden fabrikanten concrete technische oplossingen om aan de wettelijke vereisten te voldoen.
Zodra normen in het Publicatieblad van de Europese Unie worden gepubliceerd, gelden ze als geharmoniseerde normen. Het gebruik ervan in het kader van een EU-conformiteitsbeoordelingsprocedure leidt tot het zogenaamde vermoeden van conformiteit. Dat betekent dat fabrikanten ervan uit kunnen gaan dat hun product voldoet aan de essentiële eisen voor veiligheid en gezondheid van de desbetreffende EU-richtlijn of EU-verordening.
Een ander voordeel voor bedrijven: bij correcte toepassing van richtlijnen, verordeningen en geharmoniseerde normen kan er in het kader van de productaansprakelijkheid sprake zijn van een zogenaamde omkering van de bewijslast. In geval van schade moeten de bevoegde markttoezichtautoriteiten of het openbaar ministerie dan aantonen dat niet aan de wettelijke vereisten is voldaan.